Welkom bij Pandhof Sinte Marie

 

Geschiedenis Mariakerk

De Mariakerk op de Mariaplaats -
volgens velen de mooiste kerk van Utrecht 

 Pieter Saenredam  v.l.n.r. Buurkerk, Domtoren, Mariakerk (1663)

1. Ontstaan
Het ontstaan van de
 stad Utrecht
De stad Utrecht ontwikkelde zich rond het Romeinse Castellum Trajectum op het tegenwoordige Domplein en kende zijn eerste bloeitijd in de middeleeuwen vanaf de 11e eeuw. In 1122 kreeg Utrecht stadsrechten. Er kon toen een ommuring op de stadswal aangelegd worden met een verdedigingsgracht als stadsgrens. Deze stadsbuitengracht bestaat nog steeds. 
Pas in de 16e eeuw ging men buiten deze gracht bouwen. Binnen de stadsmuren ontstonden stenen huizen, straten, kerken en kloosters. Een groot deel van de stad was in het bezit van de kapittelkerken, het waren eilandjes in de stad. De Mariakerk lag in het centrum van de immuniteit van Sint Marie, ten westen van de Domkerk, wat nu Mariaplaats heet. De fundamenten van de kerk zijn nog te zien in het K&W gebouw van het Utrechts Conservatorium.

De kapittelkerken - staatjes in de stad

In de middeleeuwen had Utrecht vijf kapittelkerken: de Sint Salvatorkerk, Sint Maartenskerk (Domkerk), Sint Pieterskerk, Sint Janskerk en de Mariakerk. Zij hadden ieder hun eigen rechtsgebied, de immuniteit. De kapittels hoefden geen belasting aan de stad te betalen. De Sint Salvatorkerk, gewijd aan Christus de Verlosser, was daarvan de oudste, deze werd eind 7e eeuw gesticht door Willibrord. De Mariakerk werd als laatste gebouwd.

Op het Domplein: de Sint Salvatorkerk en de Sint Maartenskerk

De Sint Maartenskerk of Domkerk, gewijd aan Sint Maarten, werd in de 11e eeuw naast de Sint Salvatorkerk gebouwd. Midden 13e eeuw werd een nieuwe gotische kerk op dezelfde plaats gebouwd. Deze kerk werd de grootste kerk van Utrecht. De 112 meter hoge Domtoren werd de hoogste kerktoren van Nederland. Toch behield de Sint Salvatorkerk het dooprecht en had in haar crypte een Maria altaar dat veel mensen bleef aantrekken. Na de Reformatie werden vanaf 1580 de Domkerk, de Pieterskerk en de Janskerk protestant. De Sint Salvatorkerk werd gesloopt. 

De parochiekerken

In de middeleeuwen had Utrecht vier parochiekerken, de Buurkerk, de Sint Nicolaas of Klaaskerk, de Sint Jacobskerk, en de Sint Geertekerk. Deze kerken waren voor de burgerlijke gemeenschappen, geleid door een pastoor. Gilden en broederschappen hadden er hun eigen kapellen. Er werd gedoopt, getrouwd, begraven en gezorgd voor de armen.


De Buurkerk, in de handelswijk Stathe, was de oudste en belangrijkste parochiekerk en evenals de Mariakerk gewijd aan Maria. Ter onderscheiding daarvan werd zij daarom de kerk van Maria Minor genoemd.

Tegenwoordig is in de Buurkerk het Museum Speelklok gevestigd. 

Mariaplaats: Mariakerk, kerk van Sint Marie, kerk van Maria Major

Pieter Saenredam, De Mariaplaats met de Mariakerk (1659)

Pieter Saenredam, Mariakerk – interieur, zicht op het westen 

Eind 11e eeuw werd met de bouw begonnen van de kerk van Maria Major, ook de Mariakerk of de kerk van Sint Marie genoemd. De kerk werd gesticht door de Duitse keizer Hendrik IV en de Utrechtse bisschop Koenraad. Voorbeeld was de Dom van Spiers (Speyer), gewijd aan Maria. Deze Dom is de grootste Romaanse kerk ter wereld en behoort met Mainz en Worms tot de drie keizerdomkerken langs de Rijn. Het is waarschijnlijk de bedoeling geweest om ook van de Mariakerk een keizerdomkerk te maken..

De Dom van Spiers (D)

Halverwege de 12 e eeuw werd de kerk in Lombardische stijl afgemaakt en werden twee torens toegevoegd. Begin 15e eeuw werd het Romaanse koor vervangen door een groter Gotisch koor. De Mariakerk was een prachtige monumentale kerk met een zuidelijke uitstraling.

Pandhof

Aan de zuidkant van de Mariakerk lag de Pandhof met een middeleeuwse kloostergang. Er was ook een kapittelschool (choraalhuis) aan de Mariakerk verbonden. De Pandhof is nu gemeentelijke openbaar terrein, De kloostergang is eigendom van de Stichting Monumentenbezit.